Gebouwbeheer in digitaal dossier

Rotterdam – Een betere samenwerking kan leiden tot veiliger gebouwen en een efficiënter beheer ervan. Dit kan door een digitaal dossier te maken, waarin behalve de brandveiligheid ook alle andere veiligheidsaspecten van een gebouw zijn verwerkt.

Dat betoogt adjunct-directeur Jan Anker van het Rotterdamse bouw- en aannemingsbedrijf Meerbouw Rotterdam donderdag tijdens het Nationaal Brandveiligheidsevenement. Anker heeft het digitale beheerdossier mede ontwikkeld.

De veiligheidszorg binnen veel gebouwen is in zijn ogen een eilandenrijk. “Er is een beheerplan brandveiligheid, een beheerplan legionella, een beheerplan liftveiligheid. Pas als je alle partijen samenbrengt en een gemeenschappelijk beheerplan opstelt, kom je tot een veilig gebouw. Het maakt het beheer van een gebouw ook veel makkelijker en gebruiksvriendelijker, waardoor zorgvuldiger.”

Een digitaal dossier biedt volgens hem vele voordelen. Het brengt bijvoorbeeld minder ballast en minder kosten voor de eigenaar van het gebouw met zich mee. Die heeft in één plan alle veiligheidsaspecten bij elkaar. En anders dan al die afzonderlijke papieren plannen, kan het nauwelijks zoekraken. Anker: “Het zit in de cloud, het is altijd direct beschikbaar.’’

Anker zou een boek kunnen schrijven over brandgevaarlijke situaties in gebouwen. “Je schrikt je rot als je weet hoe het soms met de veiligheid is gesteld.” Juist bij kleine bouw- en renovatieprojecten komt de brandveiligheid er dikwijls bekaaid vanaf, stelt hij vast. Vaak is dat een gevolg van het niet volledig op de hoogte zijn van de meest recente regelgeving waarbij tevens het kostenaspect veelal doorslaggevend is.

Anker: “Je hebt goede en minder goede adviseurs. Overheidsinstellingen als de Rijksgebouwendienst werken met deskundige mensen en goede controleurs. Daar gaat zelden iets fout. Particuliere opdrachtgevers zoals zorginstellingen hebben de focus op hun core business. Ze huren een adviseur in die zegt dat hij deskundig is, maar wie controleert dat? Ook de aannemer wordt op zijn blauwe ogen geloofd.”

Dat resulteert niet zelden in onveilige constructies. Van renovaties in zorginstellingen herinnert Anker zich gipsplafonds die niet brandwerend bleken, ‘brandveilige’ kozijnen uit Turkije zonder keurmerk en woonunits die waren vergroot door de brandwerende scheiding weg te halen.

“In een school hoefde ik alleen maar een plafondplaatje te lichten om te zien dat het mis was. Een regelklep van een ventilatievoorziening was door de adviseur aangezien voor een brandklep, een brandklep was gemonteerd zonder de juiste afdichting eromheen.” Op een ander adres trof hij een brandwerende deur met certificaat aan, die bij een test maar aan één kant brandwerend bleek.

Anker: “De vraag is, hoe je dit als opdrachtgever voorkomt en hoe je de juiste partij aan tafel krijgt. Mijn advies: ga niet voor de goedkoopste, maar voor een veilige oplossing. Laat alle partijen samenwerken en kennis delen. De aannemer, de adviseur, de applicateur en de leverancier. In zo’n samenwerkingsverband letten de deelnemers op elkaar. Wie in de fout gaat, wordt door anderen teruggefloten. De veiligheid zou er sterk door verbeteren.”

Brandveiligheid

SBRCurnet houdt donderdag het Nationaal Brandveiligheidsevenement met als thema ‘Kwaliteit bouwen, brandveilig houden.’ Welke gevolgen heeft de op handen zijnde private toetsing voor de brandveiligheid van gebouwen? En welke kansen biedt de stelselwijziging van de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen bij verbouw en nieuwbouw? Jan Anker van Meerbouw dacht mee over een digitale oplossing.

Publicatie datum Cobouw: 14-04-2015 14:27